Negen LinkedIn tips voor starters, deel 2

Klaar met de tips uit deel 1? Dan is het tijd om verder te gaan.

  1. Neem de tijd.  Een van de grootste struikelblokken in het begin is de ‘nieuwe taal’ die je tegenkomt in LinkedIn en ook de structuur is wennen. Ja, je moet updaten, je profileren, connecties toevoegen, om aanbevelingen vragen en nog veel meer. Maar dat hoeft gelukkig niet allemaal in één keer. Neem de tijd om LinkedIn te begrijpen, om over je teksten na te denken en alle mogelijkheden te ontdekken. Maar:
  2. Stel niet uit. Doe het niet ‘tussendoor’. Ga er voor zitten en doe dat in het begin een paar uur per week. Of een uurtje per dag. Kost het teveel tijd? Nee! Je investeert tijd. Beschouw het als een cursus, daar stop je ook tijd in. De investering komt later terug. En je zult merken dat je op zeker moment alles sneller en makkelijker doet.
  3. Vul de onderdelen in die jij het eerst wilt invullen. Ik hanteer bij mijn tips een volgorde die mij logisch lijkt, gebaseerd op mijn trainingservaring tot nu toe. Maar met enige regelmaat ontmoet ik mensen die echt eerst alle huidige en vorige functies op en top willen invullen. Die samenvatting komt dan wel later. Dat mág. Als je het maar doet en niet pas over een jaar.
  4. Check je openbare profiel. Je kunt bepalen of je hele profiel openbaar is (dus zichtbaar voor iedereen) of gedeeltes daarvan. Het meeste van mijn profiel is openbaar, maar dat hoort bij mijn werk. Misschien wil jij alleen je huidige functie openbaar maken of je opleiding weglaten? Dat kun je zelf bepalen.
    In de samenvatting van je profiel (de kolom waarin je foto staat) zie je onderaan de link naar je openbare profiel.  Klik op bewerken. Je komt nu op je site met ‘openbaar profiel’.
    LinkedIn laat je meteen weten dat je zelf kunt bepalen hoe je wordt weergegeven. 
    Aan de linkerkant zie je je openbare profiel, aan de rechterkant kun je je profiel aanpassen. Tip: LinkedIn is netwerken. Je familie, vrienden en collega’s kennen je al. Het gaat juist om de mensen die je nog niet kent of nog niet genoeg. Jij wilt graag weten wat zij doen en omgekeerd geldt hetzelfde. Vink daarom voldoende aan.
  5. URL van je openbare profiel aanpassen. Op dezelfde pagina kun je de ‘url’ van je naam aanpassen. Als je net start, staat hier je naam gevolgd door een aantal cijfers. En als je al wat langer een profiel op LI hebt: check even hoe jouw naam hier wordt weergegeven! Dit kun je wijzigen in je eigen naam, zoals ik heb gedaan. Voordeel: het ziet er wat professioneler uit én je kunt deze naam op je visitekaartje of op andere plekken zetten.
  6. Voeg je connecties toe. Connecties, een woord om aan te wennen. LinkedIn gebruikt ook ‘contacten’, zoals in de balk bovenin. Als je deze tab opentrekt zie je een link naar je connecties en ‘connecties toevoegen’. Klik op deze ‘connecties toevoegen’. Je komt op een pagina waarop je kunt zoeken: in je mail, je collega’s, klas of studiegenoten, mensen die je misschien kent. 
    In het filmpje ‘How to add connections on LinkedIn’ van Putnaminvestments wordt goed uitgelegd hoe dit werkt.
    Vind je het eng om zomaar e-mail adressen te importeren (eerste mogelijkheid), sla dat dan even over en start met je collega’s of andere contacten.
  7. Pas je uitnodiging aan. Als je iemand vraagt om te ‘connecten’ of te ‘linken’ kun je de standaardtekst gebruiken: “ik wil u graag toevoegen aan mijn professionele netwerk op LinkedIn”. Een beetje nietszeggend. Vooral als je die tekst gebruikt bij mensen die je al kent of net hebt ontmoet bij bijvoorbeeld een Open Coffee of een andere netwerkbijeenkomst. Zeg dan bijvoorbeeld: ‘Hallo Remco, leuk je te spreken bij de Open Coffee vanmorgen. Interesse om te linken?’
  8. Sluit je aan bij groepen. Nu wordt netwerken interessant. Je profiel is zo goed mogelijk ingevuld, je hebt wat connecties en nu is het tijd om verder te gaan. Probleempje: er zijn 10.000en groepen op LinkedIn. Hoe vind je daarin een groep die voor jou interessant is?
    a. Ga naar ‘groepen’ in de balk bovenin en klik op ‘groepen die u misschien interesseren’. LinkedIn heeft al een selectie gemaakt op basis van je profiel. Je ziet meteen of er groepen zijn waarin jouw contacten aanwezig zijn.
    b. Zoek rechtsbovenin naar groepen. In de zoekfunctie kun je zoeken alles vinden: personen, updates, vacatures, bedrijven etc én groepen. Zoek hier eens op je eigen regio, provincie, branche.
    c. Kijk naar de groepen waar je collega’s (of andere connecties) actief zijn. Zij hebben al wat voorwerk gedaan. Waarom zou je dat niet gebruiken? Anderen laat je namelijk ook weer gebruik maken van jouw kennis.
  9. Doe actief mee in discussies. Ik weet het, veel mensen zijn niet echt actief in sociale netwerken. Ook bij LinkedIn kun je ervoor kiezen vooral te lezen. Maar dan ben je informatie aan het vergaren en niet aan het delen, niet aan het netwerken. Mijn advies: doe mee en je zult merken hoe jouw reactie gewaardeerd wordt. Tip: maak geen reclame, dat wordt niet gewaardeerd. Reclame hoort thuis bij promotions.

Vragen? In een volgend blog meer tips. Je kunt ook deel 1 teruglezen.
Op deze pagina heb ik allerlei blogs, filmpjes en tips  van anderen verzameld, onder andere over LinkedIn. Je kunt je overigens ook aanmelden bij mijn open LinkedIn groep ‘social media: het vervolg‘. Geen vraag is daar raar.

Negen LinkedIn tips voor starters, deel 1

In 2011 schreef ik LinkedIn in de praktijktips en Saaie zichtbaarheidtips voor LinkedIn. Er is in die tijd nogal wat verandert in LinkedIn, hoog tijd voor een update.

Aangemeld? Dan gaan we van start.

1. LinkedIn is je ‘professional dashboard’, aldus LinkedIn zelf. Houd dit in je achterhoofd: hoe wil jij gezien worden? Dat is dus niet eng, het is prettig.

2. LinkedIn in het Nederlands. Sinds begin 2012 is LinkedIn ook in het Nederlands. Staat jouw pagina in het Engels? Scrol dan helemaal naar beneden

Je ziet aan de rechterkant ‘language’. Zet dit op Nederlands. Dan zie je dit:

3. Schrik niet van Engels: nog niet alles is overgezet naar het Nederlands. Schrik niet, ook LinkedIn blijft aan het werk.

4. LinkedIn helpt: LinkedIn helpt je door vragen te stellen, bijvoorbeeld: huidige functie, opleiding, foto. Maak hier gebruik van. Maar: je bent net gestart, dus beschouw de eerste stappen als oefening. Bedenk dat je later alles kunt bijwerken. Fouten zijn niet erg, het gaat om het uiteindelijke resultaat.

5. Doseer: Vul de eerste keer in ieder geval je huidige functie in, je opleiding en wat relevante oudere functies. Op die manier laat je meteen zien wat je doet. Je zult merken, dat het aanvullen de volgende keer al een stuk makkelijker gaat.

6. Plaats een foto. Oei, wij Nederlanders blijven dat moeilijk vinden. Een foto? Hoezo? Zet je over die schroom heen, want hoe moet ik weten wie je bent als je geen foto op je profiel plaatst? En hoe moet ik je IRL (in real life) herkennen? Op die foto ben je natuurlijk herkenbaar: niet in de verte op een bankje of in de schaduw van een boom.

En ook niet je hond of je kind.
Dus een profielfoto, herkenbaar, en graag vrolijk.

6. Zorg voor een duidelijke professionele titel (in het Engels: headline). Deze staat direct onder je naam, naast je foto. Je kunt dit wijzigen via ‘profiel bewerken’. Bij ‘kopregel’ wordt gevraagd naar je Professionele titel. Vertel kort wat je doet. Kom je er niet uit? Kijk eens bij anderen hoe zij zichzelf omschrijven.

7. Kies voor een heldere functienaam. Wat ben je: docent? Of docent Spaans? Projectmanager of Projectmanager bij bedrijf zus of project zo? Coach? Partner? Vraag je af of de lezer snapt wat je doet. Enne, eigenaar of owner zegt natuurlijk ook niet zoveel. Ben je eigenaar van een groot bedrijf? Dan ben je vast directeur. En ben je zelfstandig professional? Dan ben je geen eigenaar of directeur van jezelf, maar bijvoorbeeld organisatieadviseur.

8. Maak links naar je websites. En maak ze aantrekkelijk. Je kunt natuurlijk een link maken naar je ‘persoonlijke website’ of je ‘bedrijfswebsite’ . Maar het zegt eigenlijk niks. Als je (via bewerken) bij de aanvullende informatie komt, kun je ook ‘ander’ aanklikken.  Hier kun je bijvoorbeeld de titel van een van je blogs of de werkelijke naam van je website invullen.
In de kolom die weer daarnaast staat, vul je de url van de webpagina in waarheen je wilt verwijzen.
Je mag naar maximaal drie websites verwijzen.

9. Schrijf een Samenvatting. Dit is een lastige, vinden de meeste deelnemers aan mijn workshops. Want wat schrijf je hier? Dus wordt het opengelaten. Niet doen!  Schrijf hier een samenvatting die weergeeft wat jij doet en waar jij je lekker bij voelt. Het hoeft geen ellenlang epistel te zijn. Kom je er niet uit? Kijk bij anderen hoe ze het doen.

Vragen? In mijn volgende blog meer tips. Kun je niet wachten?  Op deze pagina heb ik allerlei blogs, filmpjes en tips  van anderen verzameld, onder andere over LinkedIn. Maar je kunt in de nederlandstalige LinkedIn discussiegroep LinkedTips alle vragen stellen die je hebt. . En: je kunt natuurlijk hieronder alvast je vragen en tips kwijt. Je kunt je ook aanmelden bij mijn open LinkedIn groep ‘social media: het vervolg‘. Geen vraag is daar raar.

LinkedIn in de praktijk tips

Social media goed gebruiken betekent netwerken. Dus: je laten zien, herkenbaar zijn, meepraten, delen. Dat betekent ook een LinkedIn profiel dat bij jou past. In al mijn workshops besteed ik er aandacht aan. Ik ga niet zover als in een workshop of cursus die alleen maar over LinkedIn gaat, maar het valt me wel op dat een aantal onderwerpen telkens terugkomen. Hieronder een overzicht en mijn tips. Heb je aanvullingen of vragen? Reageer!

      1. Een foto. Want hoe moet ik weten wie je bent als je geen foto op je profiel plaatst? En hoe moet ik je IRL (in real life) herkennen? Op die foto ben je natuurlijk herkenbaar: niet in de verte op een bankje of in de schaduw van een boom.
        En ook niet je hond of je kind.
        Dus een profielfoto, herkenbaar, en graag vrolijk.
      2. Duidelijke headline. Deze staat direct onder je naam. Je kunt dit wijzigen via ‘edit profile’. Vertel kort wat je doet. Kom je er niet uit? Kijk eens bij anderen hoe zij zichzelf omschrijven.
      3. Opleiding / education. Hier wordt meestal de naam van het opleidingsinstituut genoemd. Het gevolg kan zijn dat er 2x onder elkaar dezelfde naam staat, terwijl je eigenlijk wilt schrijven dat je er twee cursussen volgde. Je kunt dit als volgt oplossen: Ga naar ‘edit’ en kies achter School Name voor ‘other’. Schrijf nu bij de ‘School Name’ (de regel die onder ‘other’ opengeklapt is) de naam van je school én je opleiding.
      4. Maak links naar je websites aantrekkelijk. Staat er ‘personal website’, ‘company website’ of een van de andere benamingen? Je kunt dit heel makkelijk wijzigen in de naam van een je artikelen of de werkelijke naam van je website. Kies voor ‘other’ en vul in de kolom ernaast in hoe die link moet heten.
        In de kolom die weer daarnaast staat, vul je de url van de webpagina in waarheen je wilt verwijzen.
        Je mag naar maximaal drie websites verwijzen.
      5. Public Profile. Via ‘edit’ kun je de lange naam (met ‘cijfers’ erachter) wijzigen.
      6. Summary. Dit is een lastige, vinden de meeste deelnemers. Want wat schrijf je hier? Dus wordt het opengelaten. Niet doen!  Schrijf hier een samenvatting die weergeeft wat jij doet en waar jij je lekker bij voelt. Het hoeft geen ellenlang epistel te zijn. Kom je er niet uit? Kijk bij anderen hoe ze het doen.
      7. Gebruik ‘events‘ om te laten zien wat je organiseert. Events is een van de ‘apps’ van LinkedIn en je komt er via ‘more’ bovenin je taakbalk. Let op: de datumnummering is niet Nederlands maar Amerikaans. De volgorde is maand dag jaar. Je kunt je vrienden laten weten dat je een event organiseert via ‘share’ als je het event hebt gemaakt.
        Overigens kun je ook via ‘events’ laten zien waar je bent. Handig om te vertellen dat je bijvoorbeeld bij de Open Coffee in Wageningen bent.
      8. Laat weten wat je doet. Communiceer actief via ‘Collaborate, share an idea, or recommend an article’. Dit vind je op je Homepage. Het bericht dat je hier achterlaat verschijnt in je profiel, onder je foto.
      9. Gebruik Twitter. Je mededelingen kun je direct op Twitter plaatsen via ‘share’, als je tenminste een Twitteraccount hebt. Omgekeerd kunnen je tweets vanuit Twitter op LinkedIn worden geplaatst via #li of #in. Je kunt er ook voor kiezen om ALLE tweets rechtstreeks in LinkedIn te plaatsen. Daar wordt verschillend over gedacht; ik vind het een beetje overdone en selecteer berichten die ik op LinkedIn wil plaatsen.
        Je stelt dit in via ‘settings’, rechtsboven in je profielpagina.
        In de settings kun je bij profile settings naar de twitter settings gaan. Je kunt hier je twitter account invoeren én kiezen of al je tweets in LinkedIn geplaatst worden.

Meer vragen?. Je hebt vast meer vragen. Op deze pagina heb ik allerlei blogs, filmpjes en tips  van anderen verzameld, onder andere over LinkedIn. Maar je kunt in de nederlandstalige LinkedIn discussiegroep LinkedTips alle vragen stellen die je hebt. . En: je kunt natuurlijk hieronder je vragen en tips kwijt.