De witte man… is geen vrouw

gmmp

Witte mannen aan het woord

Heel lang geleden (echt lang geleden) kwam er een leuk onderzoek langs: zap langs je tv-kanalen en tel hoeveel vrouwen je ziet én wat ze doen. We hadden nog geen internet, laat staan social media, dus ik denk dat ik het op tv heb gezien. Ik heb het onthouden, omdat ik echt verrast was. Er waren vooral witte mannen aan het woord en zichtbaar en nauwelijks vrouwen.

Als je vrouwen zag, dan hadden ze een ondersteunende rol in een programma of ze waren aan het wassen en schoonmaken en ze werden steeds sexyer (reclame, shows). Hierna heb ik het nog wel eens gedaan, zappend langs steeds  meer tv-zenders en zelfs een keer tijdens een conferentie. Dat laatste was bij een presentatie van een man, maar dit terzijde. Het beeld wijzigde iets, er kwamen een paar niet-witte mannen aan tafel en enkele allochtone vrouwen in spelletjes en reclames, enkele vrouwen kregen een eigen programma (Mies!) maar de rolverdeling en de aantallen bleven ongeveer hetzelfde.

All male panels, allemaal mannen

Vrouwen-zichtbaarheid is niet echt een actiepunt van me, maar het leidde er (bijvoorbeeld) wel toe dat ik

  • een tijdje op Twitter #allmalepanel  volgde en er af en toe in postte,
  • organisatoren vroeg waarom ze alleen maar mannelijke sprekers op hun lijst hadden
    • hoezo vrouwen niet te vinden? Kijk eens beter!
    • hoezo willen vrouwen niet? Dat kun je anno 2016 echt niet meer zeggen!
  • besloot niet naar bijeenkomsten te gaan waar alleen mannen spreken
  • na een tijd, dit jaar, bij de zoveelste ‘mannentafel’ bij populaire tv-programma’s verzuchtte dat het niet echt opschoot en
  • het onderwerp uit mijn systeem zette.

Op zoek naar de witte vrouwvergrootglas

Dat dacht ik. Maar het is lastig. Want het gaat nu, na de verkiezingen in de VS, de hele tijd over ‘de witte man’? Wie is dat toch? Mijn man, mijn broers, mijn neven, onze buurman, mijn neef in de VS? Of zijn zij de elite (en ik dus ook?). De verongelijkte witte man die zijn baan kwijt is geraakt en dan vooral in de VS. Ik kan me daar zelfs iets bij voorstellen na allerlei recente publicaties, maar ‘de’ witte man? Enne… waar is die vrouw, in Nederland? Ben ik het? Ben ik de maatstaf? Ach, dan valt het nog wel mee, denk ik, hoop ik.

De dag dat je nog scherper nadenkt over wat je deelt

De dag, dat je zegt:

  • nee, dat deel ik niet via (naam van deel-programma). Ik vertrouw internet niet.
  • een land waar de regenbloogvlag mag, deugt.

Regenboogvlag

De dag, dat je denkt:

  • dit kan ik delen, want het gaat over Nederland (artikel in de Correspondent: wetenschappers luiden noodklok over Big Data)
  • dit deel ik niet, want
    • ik breng vrienden in gevaar
    • ik heb geen zin in scheldkannonades
    • ik heb geen zin om te belanden in ja / nee discussies

De dag, dat je constateert: zo was internet altijd, deel niks wat je privé wilt houden. Maar ik denk nog scherper na.

Die dag is vandaag.

 

20 jaar online

Early adopter’, zo noemen ze dat als je er als een van de eersten bij bent. Toch had ik dat gevoel niet toen we in december 1995 een nieuwe computer kochten, dit keer mét internet-aansluiting. Mijn man was immers allang online en ook wat mensen in de VS en Canada met wie ik toen contact had waren er al of kwamen snel. Maar het was – realiseerde ik me jaren later – wél zo. Als ik het toen geweten had, had ik vast meer bewaard.


Gelukkig is er op YouTube een filmpje te vinden
waarin Joop van Zijl in het jaaroverzicht 1996
vertelt wat internet is.

In een brief, die ik in december 1995 schreef en kopieerde, lees ik dat we inderdaad toen een nieuwe pc kochten. Mijn geheugen bedroog me niet. In april 1996 schreef ik vóórdat ik naar een conferentie in Dallas vloog, een e-mail naar mijn internet-vriendin in Canada. Ook daarvan bewaarde ik een kopie. Nou ben ik niet zo’n verzamelaar, maar deze brief en e-mail bewaarde ik om te documenteren wat we later deden: het oprichten van een Europese organisatie voor zeldzame afwijkingen op de lange arm van chromosoom 11.

Handleidingen bewaar ik eigenlijk niet. Ik vond het dan ook een beetje een wonder toen ineens de Handleiding van WorldAccess uit april 1996 opdook, die kreeg ik bij mijn eerste e-mail adres. Daarin staat stap voor stap beschreven hoe je moet installeren, dat je de quarterdeck mosaic browser tegenkomt (‘helemaal klaar voor gebruik’) en hoe je een e-mail verstuurt. Achterin staan de lokale inbelpunten! Het ging dus via ‘inbellen’ en dat betekende opletten want het kon financieel aardig oplopen. Ik herinner me nog dat ik e-mails verzamelde en zoveel mogelijk in 1x inbellen verstuurde.

Handleiding Worldaccess 1996

Ik hoor nog op de achtergrond de het tadoemtadoeeem deuntje van het inbellen. Veelzeggend is dat ik op de voorkant van de handleiding het telefoonnummer van de ADSL Servicelijn heb geschreven, een ander nummer dan de algemene servicelijn! Want zo eenvoudig vond ik het niet.

* * *

Een workshop bij mij volgen?
Dat kan natuurlijk, bijvoorbeeld in een 1op1 workshop

Kansen op werk: voor mensen met een psychische kwetsbaarheid

KansenOpWerk_logo_deel

Mooi project, Kansen op Werk. Opgezet in 2013 om mensen met een psychische aandoening die graag weer aan het werk willen te ondersteunen. Het gaat vanaf eind januari 2016 verder in drie regio’s: Rijnmond, Midden-Utrecht en de Achterhoek.

Binnen dit project wordt geprobeerd jongeren en volwassen via een werkervaringsplaats naar betaald werk te leiden. Op YouTube staan inmiddels een aantal filmpjes waarin het project wordt uitgelegd. Er is verder een prille Facebookpagina die binnen de kortste keren 60 vind-ik-leuks had (op naar de 100!) en ook op LinkedIn en Twitter kom je Kansen op Werk tegen.

Dit project in de drie regio’s is een vervolg op een driejaarlijkse project en kan dus profiteren van de opgedane ervaring. Relatief nieuw is de inzet van social media en ik vind het natuurlijk heel plezierig dat ik daarbij mag ondersteunen!

“Dit filmpje laat in een notendop zien waarom Kansen op werk bestaat en hoe de werkwijze van Kansen op werk is. Dit gebeurt aan de hand van het verhaal van een deelnemer, een werkbegeleider en de trainer/coach.”

 

* * *

Blijf op de hoogte!
Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief:
tweewekelijks gratis tips over social media.
Praktisch, laagdrempelig, kort en krachtig.

Nieuws is een mannentafel

Ooit, toen de afstandsbediening nog nieuw was, deed ik eens mee aan een testje: zap van de ene naar de andere tv-zender, blijf overal evenveel seconden en noteer hoeveel mannen en vrouwen je ziet en in welke rol. De uitslag kon je wel raden: vooral mannen, mannen in het nieuws, sport, politiek, pratend, grappend, serieus. Vrouwen in bijrollen en in reclame.

In de jaren hierna deed ik het onregelmatig nog wel eens, één keer serieus tijdens een grote bijeenkomst, de andere keren om weer eens te testen. Het beeld veranderde niet echt, wel iets, maar ik had nooit wat opgeschreven dus ik kon niks hard maken. Ik las wel wat artikelen over de officiële onderzoeken en mijn zapbeeld klopte.

Mijn eigen beeld in de ‘werkelijkheid’ veranderde in ieder geval wel, want de maatschappij veranderde. Steeds meer vrouwelijke studentes, managers, bestuurders, smaakmakers. Maar ja, de minderheid. Ondertussen mopperde ik op ‘mannentafels’ in tv-programma’s, de reclame op Radio2 door alleen maar mannelijke dj’s en twitterde ik wel eens over een congres met vrijwel alleen mannelijke sprekers. Een beetje plagen van mijn kant, want dat zou toch wel veranderen? Want er zijn toch vrouwen die deskundig zijn en willen praten (zie ZijSpreekt)? Na al die jaren…?

gmmp

Kort geleden zag ik een oproep van Janneke van Heugten van VIDM om mee te tellen aan het Global Media Monitoring Project. Niet lang nagedacht en me opgegeven. Op 25 maart was het zo ver. Op de Hogeschool van Utrecht telde ik mee. We werden ingedeeld in koppels van twee, kregen een nieuwsmedium toebedeeld en we gingen aan de slag. Het was natuurlijk even uitpluizen hoe we het het beste konden doen, maar toen we ons ritme hadden gevonden ging het snel. We zuchtten om artikelen met eindeloos veel namen (want dat was veel invullen) en verbaasden ons om de weinige vrouwen. Echt weinig. Hoera, Merkel! En nog een, een staatssecretaris. Kijk, een geciteerde journaliste. En de zussen Holleeder. Een dag later weet ik de vrouwen nóg uit mijn hoofd. Nee, de mannen niet, dat waren er teveel.

Bij de andere geturfde media was het niet veel anders. Ik heb op een bepaald moment van de totaalscore onze score afgetrokken en zag nauwelijks verschil. Onze score was dus geen uitzondering. Het beeld dat ik vorig jaar bij elkaar ‘zapte’ was de werkelijkheid. Hoe kan dit?